Bij online adverteren, als onderdeel van online marketing, worden veel afkortingen gebruikt die qua betekenis op elkaar lijken, maar toch van elkaar kunnen verschillen binnen de afrekenmodellen. Veel mensen vragen zich misschien af ‘wat is CPM?’, ‘wat is CPA?’, ‘wat is CPL?‘, ‘wat is CPC?’ of ‘Wat is CTR?’. De laatste is geen marketing afrekenmodel maar er is wel veel vraag naar de betekenis ervan.
Online marketing afrekenmodellen: afkortingen en betekenis

Geschreven door:
SAM Online Marketing
- 20 januari 2026
Leestijd: 3 min
Afrekenmodellen: hoe je betaalt voor advertenties
Dit zijn de afkortingen voor marketing die bepalen hoe je betaalt wanneer je adverteert via Google, Facebook, LinkedIn of andere platformen.
| Afkorting | Voluit | Betekenis |
| CPM | Cost Per Mille | Betalen per 1.000 vertoningen |
| CPC | Cost Per Click | Betalen per klik |
| CPA | Cost Per Action | Betalen per actie |
| CPL | Cost Per Lead | Betalen per lead |
| CPV | Cost Per View | Betalen per videoweergave |
| CPE | Cost Per Engagement | Betalen per interactie |
| CPO | Cost Per Order | Betalen per bestelling |
| CPI | Cost Per Install | Betalen per app-installatie |
| CPD | Cost Per Download | Betalen per download |
| PPC | Pay Per Click | Verzamelnaam voor klikadvertenties |
CPM – Cost Per Mille
Bij CPM betaal je per duizend vertoningen van je advertentie. Het maakt niet uit of iemand klikt, je betaalt puur voor zichtbaarheid. Dit model is ideaal voor merkbekendheid en bereik. Display campagnes, YouTube-advertenties en social media branding draaien vaak op CPM. De kosten variëren van een paar euro tot tientallen euro’s per duizend vertoningen, afhankelijk van doelgroep en platform.
CPC – Cost Per Click
CPC betekent dat je alleen betaalt wanneer iemand daadwerkelijk op je advertentie klikt. Dit is het standaard model bij Google Ads zoekadvertenties. Je biedt op zoekwoorden en betaalt per klik. De prijs hangt af van concurrentie en kwaliteit van je advertentie. Competitieve zoekwoorden zoals “verzekering” kosten tientallen euro’s per klik, nichetermenen soms maar een paar cent.
CPA – Cost Per Action
Bij CPA betaal je pas wanneer iemand een specifieke actie uitvoert. Wat die actie is bepaal je zelf: een aankoop, download, aanmelding of offerte-aanvraag. Dit model is populair omdat je alleen betaalt voor concrete resultaten. De uitdaging zit in het bepalen van een rendabele CPA. De waarde van de actie moet hoger zijn dan wat je ervoor betaalt.
CPL – Cost Per Lead
CPL is eigenlijk een variant op CPA, maar dan specifiek gericht op leads. Je betaalt per ingevuld contactformulier, nieuwsbriefinschrijving of brochure-aanvraag. Vooral in B2B marketing is dit een populair model. De kosten per lead variëren enorm per branche. Een lead voor een softwareplatform kan honderden euro’s waard zijn, een nieuwsbriefinschrijving misschien een paar euro.
CPV – Cost Per View
CPV gebruik je bij videoadvertenties. Je betaalt per keer dat iemand je video bekijkt. Wat telt als een “view” verschilt per platform. Bij YouTube telt een view na 30 seconden kijken of een interactie. Bij Facebook al na 3 seconden. Houd daar rekening mee bij het vergelijken van resultaten tussen platformen.
CPE – Cost Per Engagement
Bij CPE betaal je voor interacties met je advertentie. Dat kan een like zijn, een reactie, een share of het uitklappen van een uitgebreide advertentie. Dit model is populair op social media waar engagement een belangrijk doel kan zijn. Je betaalt alleen wanneer iemand actief met je content bezig is, niet voor passief scrollen.
CPO – Cost Per Order
CPO is specifiek gericht op daadwerkelijke bestellingen. Je betaalt pas wanneer iemand een aankoop afrondt. Dit is het ultieme prestatiegerichte model voor webshops. Het risico ligt volledig bij het advertentieplatform, maar de kosten per order zijn daardoor vaak hoger dan bij CPC of CPM.
CPI – Cost Per Install
CPI is het standaard model voor app-marketing. Je betaalt per keer dat iemand je app installeert. Platformen als Apple Search Ads en Google App Campaigns werken veel met dit model. De kosten variëren van minder dan een euro voor casual games tot tientallen euro’s voor zakelijke apps.
Prestatiemeting: hoe goed presteren je campagnes?
Deze marketing termen gebruik je om te meten en analyseren hoe je campagnes het doen.
| Afkorting | Voluit | Betekenis |
| CTR | Click Through Rate | Percentage dat klikt na zien advertentie |
| CR | Conversion Rate | Percentage dat converteert |
| CVR | Conversion Rate | Zelfde als CR |
| BR | Bounce Rate | Percentage dat direct afhaakt |
| ROI | Return On Investment | Rendement op totale investering |
| ROAS | Return On Ad Spend | Rendement op advertentiebudget |
| KPI | Key Performance Indicator | Belangrijkste meetpunten |
| CRO | Conversion Rate Optimization | Conversiepercentage verbeteren |
| AOV | Average Order Value | Gemiddelde orderwaarde |
| CLV | Customer Lifetime Value | Totale klantwaarde over tijd |
| LTV | Lifetime Value | Zelfde als CLV |
| CAC | Customer Acquisition Cost | Kosten om een klant te werven |
| MRR | Monthly Recurring Revenue | Maandelijks terugkerende omzet |
| ARR | Annual Recurring Revenue | Jaarlijks terugkerende omzet |
| NPS | Net Promoter Score | Meting van klantloyaliteit |
| CSAT | Customer Satisfaction Score | Meting van klanttevredenheid |
CTR – Click Through Rate
CTR is het percentage mensen dat op je advertentie klikt nadat ze hem hebben gezien. Rekenvoorbeeld: 1.000 vertoningen en 30 klikken geeft een CTR van 3%. Een hogere CTR betekent meestal dat je advertentie goed aansluit bij de doelgroep. Voor Google zoekadvertenties is 2-5% redelijk, voor display advertenties is 0,5% al prima.
CR/CVR – Conversion Rate
Het conversiepercentage geeft aan hoeveel procent van je bezoekers een gewenste actie uitvoert. Bij 1.000 bezoekers en 25 aankopen is je CR 2,5%. Wat een goede conversion rate is hangt af van je branche en type conversie. Voor e-commerce is 2-3% gemiddeld, voor nieuwsbriefinschrijvingen kan het veel hoger liggen.
BR – Bounce Rate
De bounce rate toont welk percentage bezoekers je site verlaat zonder verdere actie. Ze landen op een pagina en klikken direct weg. Een hoge bounce rate kan wijzen op irrelevante content, trage laadtijd of slechte gebruikerservaring. Voor blogs is 70-80% normaal, voor landingspagina’s wil je liever onder de 50% zitten.
ROI – Return On Investment
ROI berekent het rendement op je totale investering. Je neemt alle kosten mee: advertentiebudget, personeel, tools, bureaukosten. De formule is: (opbrengst – kosten) / kosten x 100%. Een ROI van 200% betekent dat je voor elke geïnvesteerde euro twee euro terugkrijgt. Dit is de ultieme graadmeter voor winstgevendheid.
ROAS – Return On Ad Spend
ROAS kijkt specifiek naar je advertentiebudget. Je deelt de omzet door de advertentiekosten. Bij 1.000 euro advertentiebudget en 5.000 euro omzet is je ROAS 5. Oftewel: elke euro aan advertenties levert vijf euro omzet op. Let op: ROAS zegt niets over winst, alleen over omzet ten opzichte van advertentiekosten.
KPI – Key Performance Indicator
KPI’s zijn de belangrijkste meetpunten voor je doelstellingen. Welke KPI’s relevant zijn hangt af van je doel. Voor een webshop is dat misschien omzet en conversiepercentage. Voor een B2B-bedrijf het aantal gekwalificeerde leads. Kies maximaal vijf tot zeven KPI’s, anders verlies je focus.
CRO – Conversion Rate Optimization
CRO is het vakgebied dat zich bezighoudt met het verhogen van je conversiepercentage. Door A/B-testen, gebruikersonderzoek en aanpassingen aan je website probeer je meer bezoekers te laten converteren. Een verhoging van 2% naar 3% klinkt klein maar betekent 50% meer conversies bij gelijk verkeer.
AOV – Average Order Value
De gemiddelde orderwaarde bereken je door je totale omzet te delen door het aantal orders. Bij 50.000 euro omzet uit 500 orders is je AOV 100 euro. Dit is een belangrijke metric voor webshops. Door upselling en cross-selling kun je je AOV verhogen zonder extra verkeer nodig te hebben.
CLV/LTV – Customer Lifetime Value
De klantwaarde over de gehele relatie. Niet wat een klant bij de eerste aankoop oplevert, maar wat die gemiddeld uitgeeft zolang hij klant blijft. Bij een abonnementsdienst van 50 euro per maand en een gemiddelde klantduur van twee jaar is de CLV 1.200 euro. Dit getal bepaalt hoeveel je kunt uitgeven om een klant te werven.
CAC – Customer Acquisition Cost
De kosten om een nieuwe klant te werven. Tel al je marketing- en saleskosten op en deel door het aantal nieuwe klanten. Een gezonde business heeft een CLV die minimaal drie keer zo hoog is als de CAC. Anders geef je te veel uit aan klantenwerving om er ooit winst op te maken.
MRR/ARR – Monthly/Annual Recurring Revenue
Maandelijks of jaarlijks terugkerende omzet. Deze termen zijn cruciaal voor abonnementsbedrijven en SaaS-ondernemingen. MRR geeft snel inzicht in groei of krimp. ARR is handig voor jaarplanning en waardebepalingen. Investeerders kijken vaak naar ARR als indicator voor de waarde van een bedrijf.
NPS – Net Promoter Score
Een meting van klantloyaliteit op basis van één vraag: “Hoe waarschijnlijk is het dat je ons aanbeveelt?” Klanten scoren van 0-10. Scores van 9-10 zijn promoters, 7-8 passief, 0-6 criticasters. NPS = percentage promoters minus percentage criticasters. Een score boven de 30 is goed, boven de 50 excellent.
Marketingkanalen en disciplines
Dit zijn de afkortingen voor marketing die verwijzen naar specifieke kanalen of vakgebieden.
| Afkorting | Voluit | Betekenis |
| SEO | Search Engine Optimization | Organische zoekmachineoptimalisatie |
| SEA | Search Engine Advertising | Betaald adverteren in zoekmachines |
| SEM | Search Engine Marketing | SEO en SEA samen |
| SMM | Social Media Marketing | Marketing via sociale media |
| SMO | Social Media Optimization | Optimaliseren voor sociale media |
| PPC | Pay Per Click | Betalen per klik adverteren |
| DM | Direct Marketing | Directe communicatie met doelgroep |
| IM | Influencer Marketing | Marketing via influencers |
| AM | Affiliate Marketing | Verkoop via partners op commissiebasis |
| CM | Content Marketing | Marketing via waardevolle content |
| EM | Email Marketing | Marketing via e-mail |
| PR | Public Relations | Relatiebeheer met media en publiek |
| OOH | Out Of Home | Buitenreclame |
| DOOH | Digital Out Of Home | Digitale buitenreclame |
SEO – Search Engine Optimization
SEO draait om het optimaliseren van je website voor organische vindbaarheid in zoekmachines. Dat doe je door goede content te schrijven, technisch alles op orde te hebben en autoriteit op te bouwen via backlinks. SEO kost tijd maar levert duurzaam verkeer op zonder dat je per klik betaalt. Het is een van de bekende afkortingen die elke ondernemer zou moeten kennen.
SEA – Search Engine Advertising
SEA is betaald adverteren in zoekmachines, voornamelijk via Google Ads. Je advertenties verschijnen bovenaan de zoekresultaten met het label “Gesponsord”. Je betaalt per klik en kunt precies instellen op welke zoekwoorden je wilt verschijnen. SEA levert direct verkeer maar stopt zodra je budget op is.
SEM – Search Engine Marketing
SEM is simpelweg de combinatie van SEO en SEA. Alles wat je doet om zichtbaar te zijn in zoekmachines valt onder SEM. In de praktijk gebruiken mensen SEM vaak als synoniem voor SEA, maar technisch gezien omvat het beide disciplines.
SMM – Social Media Marketing
Marketing via platforms als Facebook, Instagram, LinkedIn, TikTok en Pinterest. Dit omvat zowel organische posts als betaalde advertenties. Elk platform heeft eigen regels, doelgroepen en best practices. SMM vraagt om consistente aanwezigheid en content die past bij het platform.
AM – Affiliate Marketing
Bij affiliate marketing verkopen partners jouw producten in ruil voor een commissie. Zij promoten via hun website, nieuwsbrief of social media en krijgen een percentage van elke verkoop. Platforms als Daisycon en TradeTracker faciliteren dit. Je betaalt alleen bij resultaat.
CM – Content Marketing
Marketing door het creëren van waardevolle content die je doelgroep helpt. Blogs, video’s, podcasts, whitepapers, infographics. Het idee is dat je door te helpen vertrouwen opbouwt en uiteindelijk klanten aantrekt. Content marketing is een lange termijn strategie die compound effect heeft.
EM – Email Marketing
Marketing via e-mail blijft een van de meest effectieve kanalen. Nieuwsbrieven, geautomatiseerde flows, promotionele mailings. De kosten zijn laag en je bereikt mensen die al interesse hebben getoond. Een goed opgebouwde maillijst is een van je waardevolste bezittingen.
Doelgroepen en strategieën
| Afkorting | Voluit | Betekenis |
| B2B | Business to Business | Bedrijven verkopen aan bedrijven |
| B2C | Business to Consumer | Bedrijven verkopen aan consumenten |
| D2C | Direct to Consumer | Fabrikant verkoopt rechtstreeks aan consument |
| B2B2C | Business to Business to Consumer | Via bedrijven naar consumenten |
| C2C | Consumer to Consumer | Consumenten verkopen aan elkaar |
| MQL | Marketing Qualified Lead | Lead met interesse, nog niet koopklaar |
| SQL | Sales Qualified Lead | Lead klaar voor verkoopgesprek |
| PQL | Product Qualified Lead | Lead die product heeft geprobeerd |
| ICP | Ideal Customer Profile | Profiel van ideale klant |
| TAM | Total Addressable Market | Totale marktomvang |
| SAM | Serviceable Addressable Market | Bereikbare markt |
| SOM | Serviceable Obtainable Market | Realistisch haalbare markt |
| USP | Unique Selling Point | Onderscheidend kenmerk |
| UVP | Unique Value Proposition | Unieke waardepropositie |
| CTA | Call To Action | Oproep tot actie |
| TOFU | Top Of Funnel | Bovenkant van de funnel |
| MOFU | Middle Of Funnel | Midden van de funnel |
| BOFU | Bottom Of Funnel | Onderkant van de funnel |
B2B vs B2C vs D2C
B2B betekent dat je aan andere bedrijven verkoopt. Het aankoopproces is langer, er zijn meerdere beslissers en relaties zijn belangrijker. B2C is verkoop aan consumenten. Snellere beslissingen, meer emotie, lagere orderwaardes. D2C is wanneer een fabrikant de tussenhandel overslaat en rechtstreeks aan consumenten verkoopt, zoals veel moderne merken doen.
MQL, SQL en PQL
Deze termen helpen je leads te kwalificeren. Een MQL (Marketing Qualified Lead) toont interesse, bijvoorbeeld door content te downloaden. Een SQL (Sales Qualified Lead) is klaar voor een verkoopgesprek. Een PQL (Product Qualified Lead) heeft je product al geprobeerd, bijvoorbeeld via een gratis trial. Door leads te scoren voorkom je dat sales tijd verspilt aan koude contacten.
ICP – Ideal Customer Profile
Je ICP beschrijft je ideale klant in detail. Niet alleen demografische gegevens maar ook gedrag, pijnpunten en doelen. Een scherp ICP helpt bij targeting, messaging en productontwikkeling. Hoe specifieker je ICP, hoe effectiever je marketing.
TAM, SAM en SOM
Deze drie beschrijven je marktpotentieel in afnemende grootte. TAM is de totale wereldwijde markt voor je product. SAM is het deel dat je realistisch kunt bedienen met je huidige model. SOM is wat je daadwerkelijk kunt winnen op korte termijn. Investeerders vragen vaak naar deze cijfers.
TOFU, MOFU, BOFU
Deze marketing termen beschrijven de fases van je marketingfunnel. TOFU (Top Of Funnel) is de bewustwordingsfase. MOFU (Middle Of Funnel) is de overweging. BOFU (Bottom Of Funnel) is de beslissing. Elke fase vraagt andere content en benadering. Blogposts voor TOFU, vergelijkingen voor MOFU, demo’s voor BOFU.
Tools en techniek
| Afkorting | Voluit | Betekenis |
| CMS | Content Management System | Systeem om website te beheren |
| CRM | Customer Relationship Management | Klantrelatiebeheer software |
| CDP | Customer Data Platform | Platform voor klantdata |
| DMP | Data Management Platform | Platform voor advertentiedata |
| MAP | Marketing Automation Platform | Marketing automatisering |
| ESP | Email Service Provider | E-mailmarketingplatform |
| GA | Google Analytics | Website analytics tool |
| GA4 | Google Analytics 4 | Nieuwste versie van Analytics |
| GTM | Google Tag Manager | Beheer van trackingcodes |
| GSC | Google Search Console | Tool voor zoekprestaties |
| API | Application Programming Interface | Koppeling tussen systemen |
| SDK | Software Development Kit | Tools voor app-ontwikkeling |
| CTA | Call To Action | Oproep tot actie |
| UX | User Experience | Gebruikerservaring |
| UI | User Interface | Gebruikersinterface |
| A/B | A/B Testing | Twee varianten testen |
| MVT | Multivariate Testing | Meerdere variabelen testen |
| QA | Quality Assurance | Kwaliteitscontrole |
CMS – Content Management System
Een CMS is software waarmee je je website beheert zonder te programmeren. WordPress is het bekendste voorbeeld, maar ook Shopify, Magento en Drupal zijn CMS’en. Je kunt pagina’s maken, content aanpassen en media uploaden via een gebruiksvriendelijke interface.
CRM – Customer Relationship Management
CRM-software helpt je klantrelaties te beheren. Je houdt bij wie je klanten zijn, welke interacties er zijn geweest en wat de status is van deals. Salesforce, HubSpot en Pipedrive zijn populaire CRM’s. Onmisbaar voor sales en accountmanagement.
CDP – Customer Data Platform
Een CDP verzamelt klantdata uit verschillende bronnen en creëert een unified customer profile. Anders dan een CRM dat vooral salesdata bevat, combineert een CDP gedragsdata, transactiedata en marketingdata. Dit maakt gepersonaliseerde marketing op schaal mogelijk.
GA4 – Google Analytics 4
De nieuwste versie van Google Analytics, volledig anders opgebouwd dan de vorige versie. GA4 focust op events in plaats van pageviews en werkt beter met privacy-regelgeving. De leercurve is steil maar het is de nieuwe standaard voor website-analyse.
GTM – Google Tag Manager
Met GTM beheer je alle trackingcodes op je website zonder in de broncode te hoeven. Pixels, conversiecodes, analytics scripts, je regelt het allemaal via één interface. Scheelt enorm veel tijd en voorkomt fouten in je code.
GSC – Google Search Console
Gratis tool van Google die toont hoe je site presteert in zoekresultaten. Je ziet op welke zoekwoorden je gevonden wordt, hoeveel klikken je krijgt en of er technische problemen zijn. Onmisbaar voor SEO.
E-commerce specifiek
| Afkorting | Voluit | Betekenis |
| GMV | Gross Merchandise Value | Totale waarde verkochte producten |
| SKU | Stock Keeping Unit | Unieke productcode |
| UPC | Universal Product Code | Universele productcode/barcode |
| GTIN | Global Trade Item Number | Wereldwijde productidentificatie |
| PDP | Product Detail Page | Productpagina |
| PLP | Product Listing Page | Categoriepagina met producten |
| OMS | Order Management System | Orderbeheer systeem |
| WMS | Warehouse Management System | Magazijnbeheer systeem |
| TMS | Transportation Management System | Transportbeheer systeem |
| RMA | Return Merchandise Authorization | Retourproces |
| COD | Cash On Delivery | Betalen bij levering |
| BOPIS | Buy Online Pick-up In Store | Online kopen, in winkel ophalen |
| BORIS | Buy Online Return In Store | Online kopen, in winkel retourneren |
GMV – Gross Merchandise Value
De totale waarde van alle verkochte producten op je platform, vóór aftrek van kosten, retouren en kortingen. Dit is een belangrijke metric voor marktplaatsen en platforms. Het geeft inzicht in de omvang van je handel, niet per se je omzet of winst.
SKU – Stock Keeping Unit
Een unieke code voor elk product of productvariant in je assortiment. Een T-shirt in drie kleuren en vier maten heeft twaalf verschillende SKU’s. Goed SKU-beheer is essentieel voor voorraadbeheer en rapportage.
BOPIS en BORIS
Omnichannel termen die de verweving van online en offline beschrijven. BOPIS (Buy Online Pick-up In Store) is online bestellen en in de winkel ophalen. BORIS is online bestellen en in de winkel retourneren. Beide verbeteren de klantervaring en stimuleren winkelbezoek.
Privacy en wetgeving
| Afkorting | Voluit | Betekenis |
| GDPR | General Data Protection Regulation | Europese privacywet |
| AVG | Algemene Verordening Gegevensbescherming | Nederlandse naam voor GDPR |
| CCPA | California Consumer Privacy Act | Californische privacywet |
| DPA | Data Processing Agreement | Verwerkersovereenkomst |
| PII | Personally Identifiable Information | Persoonsgegevens |
| DSAR | Data Subject Access Request | Inzageverzoek |
| TCF | Transparency and Consent Framework | Toestemmingsframework voor advertenties |
| CMP | Consent Management Platform | Platform voor cookietoestemming |
GDPR/AVG
De Europese privacywetgeving die in 2018 van kracht werd. Regelt hoe je persoonsgegevens mag verzamelen, opslaan en gebruiken. Overtreders riskeren boetes tot 20 miljoen euro of 4% van de wereldwijde omzet. Heeft grote impact gehad op hoe marketeers data verzamelen en gebruiken.
CMP – Consent Management Platform
Software die de cookiebanner op je website beheert. Verzamelt en registreert toestemming van bezoekers conform de AVG. Voorbeelden zijn Cookiebot, OneTrust en Complianz. Zonder CMP loop je juridisch risico.
Hulp nodig met online marketing?
Al die afkortingen voor marketing zijn handig om te kennen, maar uiteindelijk gaat het erom dat je campagnes resultaat opleveren. Wil je sparren over welke strategie bij jouw situatie past of zoek je hulp bij het opzetten van winstgevende campagnes? De specialisten van SAM Online Marketing denken graag met je mee.
Inhoudsopgave
Alle begrippen op een rij
0-9
A
B
- Backlink
- Bestemmingspagina
- Betaalde zoekopdrachten
- Black Hat SEO
- Bounce rate
- Branded anchor
- Breadcrumbs
- Broken link
C
- Call to action
- Click Through Rate (CTR)
- Cloaking
- Content Management System (CMS)
- Content marketing
- Content optimalisatie
- Conversie
- Conversie optimalisatie
- Copywriting
- Customer Journey
D
- Directory listing
- DoFollow en NoFollow verschillen
- DoFollow link
- Domain authority
- Domein Autoriteit
- Domein Autoriteit bepalen
- Dropshipping
E
F
G
- Gastblog
- Google AdSense
- Google AdSense account
- Google Ads
- Google Analytics
- Google Analytics bouncepercentage
- Google Analytics installeren
- Google Penalty
- Google Search Console
- Google Webmaster Tools
- Google Zoekwoordplanner
- Google ads kwaliteitsscore
- Google display
- Growth hacking
H
I
J
K
L
M
N
O
P
Q
R
S
- SEM
- SEMRush
- SEO teksten
- SEO titel
- Search Engine Result Page (SERP)
- See, Think, Do, Care
- Short tail zoekwoorden
- Silo structure
- Sitemap
- Slug
- Startpagina
- Structured data
T
U
V
W
X
Y
Z